
Gun ieder zijn hobby
Toen het SER Energieakkoord in 2013 het licht zag, was het enthousiasme niet van de lucht. We zouden in grote stappen het grote geluk van een duurzame toekomst naar ons toehalen. Provincies en gemeenten stonden in de rij om bekend te maken als eerste energieneutraal te worden, al in 2020. Neutraal betekent: evenveel (duurzaam) opwekken als we verbruiken. Wie de belofte aandurfde, kreeg eeuwige roem.
‘Parijs’ in 2015, je schrijft de naam van de stad tussen aanhalingstekens om het toen gesloten wereldwijde klimaatakkoord aan te duiden, gaf een nog grotere beloftegolf. Complete steden zouden de klimaatcrisis weren en daarmee de opwarming van de aarde teniet doen, in keiharde doelen over CO2-reductie. Succes verzekerd, want we hebben het immers opgeschreven.
Nu hebben we de Friese Energievisie, waarover de Leeuwarder Courant zich afvraagt of ‘Friesland’ niet een te grote broek heeft aangetrokken. Onze provincie in 2050 al geheel energieneutraal, met eigen opwek zonder gebruik van fossiele energie. Tig TWh gaan we erbij maken, de komende 35 jaar. Ik zeg super, goed plan, onmiddellijk doen, beste bedenkers, eeuwige roem.
Wat we niet lijken te zien, is dat de grote beloften, hoewel niet altijd waargemaakt, toch een groot verschil hebben betekend. Denk eens aan alle scepsis en de kritiek uit 2013, over de plannen voor wind-op-land en wind-op-zee. Te veel, te moeilijk, te duur. Toch halen we nu al bijna de helft van onze benodigde elektriciteit uit hernieuwbare bronnen als wind en zon. Wie had dat toen durven zeggen!
De enorme impuls voor duurzame energieproductie heeft fossiele energie wereldwijd inmiddels op achterstand gezet. De investeringen in duurzame energie overstijgen die van fossiel met dubbele cijfers. Dat het anders moet is voor financiële markten al lang duidelijk en niet voor niets beweegt het grote geld de goede kant op. Ook al is fossiele energie als olie, kolen en gas nog jaren nodig, de kanteling is gemaakt, onomkeerbaar.
Doorgaan dus, met duurzame energieambities en niet gaan twijfelen. Maar twijfelen is precies wat een aantal meestribbelaars doen. Die pleiten voor kernenergie, om de gaten in duurzame doelen te dichten. Dàt is pas een grote broek aantrekken. Kernenergie met bijbehorend kernafval is niet duurzaam, is veel te duur en duurt te lang. Bovendien gaan we er niet over.
Met bestaande technieken kunnen we stevig op weg met de doelen uit de Friese energievisie. Wat we sinds 2013 bereikt hebben is bewijs daarvoor. Aandacht voor te grote beloften als kernenerige leidt alleen maar af van wat we moeten doen. We gunnen iedereen z’n hobby, maar niet als dat in de weg staat van het werk dat we vandaag al kunnen doen.